Borstvoeding en de kunst om het op gang te krijgen

Als het eenmaal loopt, dan loopt het

Borstvoeding op gang krijgen

Borstvoeding.
Voordat ik kinderen kreeg, leek het me al heel mooi om mijn kinderen zelf te kunnen voeden. Het zag er ook zo makkelijk uit, en bijzonder ook die momentjes samen met je baby. Toen ik eenmaal zwanger was van Jessa wist ik dan ook zeker dat ik haar borstvoeding wilde gaan geven. Wist ik veel dat het een drama zou zijn om het op gang te krijgen. Dat was wel het laatste dat ik in gedachten had bij zoiets natuurlijks.

Het openingscircus

Jessa werd na haar geboorte direct bij me aangelegd. En daarmee bedoel ik; dat werd geprobeerd. Want het aanhappen lukte haar niet zo goed. En tsja als aanhappen niet lukt komt er ook geen voeding binnen dus dan begint het circus. Na een dramanacht in de kraamweek waarin Jessa wel honger had maar het mij niet lukte om haar aan de borst te krijgen, nog brak van de bevalling en als nieuwbakken moeder die amper wist wat de voorkant van een luier was en wat de achterkant, bleek Jessa 11% te zijn afgevallen. Veel te veel dus. Ik had het gevoel dat ik faalde en de ontzettende pro-borstvoeding kraamverzorgster die we hadden maakte het er niet beter op. De borstvoeding moest en zou lukken. Ik was dankzij de bevalling amper in staat om alleen naar de wc te lopen en had zonder haar het bijltje er allang bij neergegooid, maar dat liet ze niet gebeuren. Breast is best en daarom werd er een megakolf van de thuiszorgwinkel naast mijn kraambed geparkeerd. Echt vrouwonterend zo’n kolf. Na een kwartier kolven was het me gelukt om welgeteld 3 hele druppels in een flesje op te vangen. Ik kan wel zeggen dat ik aardig resultaatgericht ben en daarom motiveerde deze ‘opbrengst’ mij niet echt. Het was ook bij lange na niet genoeg om Jessa mee te voeden en dus werd ze door middel van fingerfeeding bijgevoed met kunstvoeding. Tussendoor werden er toch nog wat aanhappogingen gedaan en plette de kraamverzorgster mijn borst tot een ‘hamburger’ om hem hapklaar te maken. Wauw. Alsof al dat geduw en getrek aan mijn lijf tijdens de bevalling nog niet genoeg geweest was. Het gebied down under was een soort ontplofte egel en nu was mijn voorgevel aan de beurt. Want door een paar mislukte aanhappogingen had ik inmiddels ook tepelkloven. Ik smeerde ze in met zalf (niet dat dat echt iets uitmaakte naar mijn idee, maar hé je smeert ze in en het psychische effect dat dat heeft is ook al iets).
Gelukkig kwam er uiteindelijk het moment waarop de verloskundige ingreep en vond dat het genoeg was. Ze adviseerde als laatste poging tepelhoedjes en dat bleek te werken. De eerste 3 maanden voedde ik met tepelhoedjes en nadat ik Jessa tot 6 maanden fulltime borstvoeding gaf heb ik haar tot 15 maanden nog gevoed. Daarna had ik geen productie meer. Het bouwde zichzelf natuurlijk af. De put was opgedroogd en zowel Jessa als ik vonden het goed zo.

Borstvoeding op gang krijgen

De geschiedenis herhaalt zich

Tijdens mijn zwangerschap van Vienna wist ik 1 ding zeker: borstvoeding; ja, het hele circus om het op gang te krijgen; nee. Dit keer wilde ik mezelf niet zo wegcijferen zoals ik dat bij Jessa had gedaan. Na de bevalling van Vienna was er helaas weinig tijd om haar rustig aan te laten happen. Ik kreeg haar heel even bij me maar moest al snel met de ambulance mee naar het ziekenhuis vanwege de placenta die muurvast zat. Het gouden uurtje bestond bij mij dus vooral uit pogingen om de placenta eruit te krijgen, en niet uit het aanleggen van Vienna en huid-op-huidcontact. Toen de placenta er in het ziekenhuis eenmaal uit was kreeg ik haar alsnog bij me en werd ze bij me aangelegd. En dat lukte! Ik dacht dat het nu vast helemaal goed moest komen, maar dat bleek helaas iets te voorbarig. Er volgde wederom een nacht in de kraamweeek waarin het aanhappen niet lukte en Vienna viel 11% af. Trip down memory lane. De megakolf werd weer naar binnen gesjouwd en vriendlief werd naar de supermarkt gestuurd voor kunstvoeding. Ik vertelde de kraamverzorgster dat ik niet zover wilde gaan als bij Jessa en dat ik het graag wilde proberen, maar dat als het weer zo moeizaam zou gaan ik kunstvoeding een goed alternatief vond. De kraamverzorgster was heel lief en respecteerde mijn mening. Toch ging ik weer het circus in om de boel op gang te krijgen, ook al had ik mezelf voorgenomen dat niet te doen. Ik wist namelijk dat als het eenmaal op gang was, ik heel blij zou zijn dat het gelukt was. Dat borstvoeding heel makkelijk is (je hebt het altijd bij je) en dat het volledig afstemt op de behoefte van je kindje en dus ook gewoon heel gezond en goed is.
De megakolf kwam weer in actie en de opbrengst was om te huilen. Als ik huilde produceerde ik letterlijk nog meer vocht. En dat deed ik ook stiekem, nadat de kraamverzorgster had geconstateerd dat Vienna veel te veel was afgevallen en ze vervolgens de slaapkamer had verlaten. Ik voelde me wederom falen; omdat ik per se borstvoeding wilde geven leed ook deze baby honger. De kraamverzorgster ontging mijn rode ogen natuurlijk niet en zonder iets te zeggen zette ze een bloem in een vaasje op mijn nachtkastje. Zo’n lief, klein gebaar. Het sprak me moed in en gaf me net het zetje dat ik nodig had om het toch nog te proberen. Toen het die nacht erop weer drama was met aanhappen en ik er alleen voor stond (zonder kraamzorg en een man die ver in dromenland was) kreeg ik ineens een eureka moment. Ik pakte mijn eigen kolf, zette die heel even op mijn borst om de toeschietreflex op te wekken en de tepel ‘hapklaar’ te krijgen, haalde de kolf er snel vanaf en legde Vienna aan. Ze hapte in 1 keer goed aan. Op dat moment was het faalgevoel ver te zoeken en voelde ik me echt een powermom! Wat een mooi, bijzonder gevoel. Ook al hadden we opdracht gekregen om Vienna bij te voeden, ik liet de kunstvoeding voor wat het was en ging af op mijn eigen gevoel dat Vienna aan de borst genoeg binnen had gekregen. En inderdaad, de volgende dag bleek Vienna alweer iets te zijn aangekomen. Vanaf dat moment ging de borstvoeding in een stijgende lijn en in tegenstelling tot de eerste periode bij Jessa was het niet nodig om met tepelhoedjes te voeden. Het trucje met de kolf gebruikte ik in de kraamweek nog regelmatig, totdat Vienna sterk genoeg was om zelf zonder hulpmiddelen goed aan te happen. Inmiddels voed ik haar al bijna 4 maanden.

Borstvoeding op gang krijgen

Borstvoeding is een avontuur

Borstvoeding is absoluut een avontuur. Een avontuur, omdat zoiets natuurlijks bij mij zoveel onnatuurlijks nodig had om het überhaupt te doen slagen. Hoe lang ik Vienna hoop te voeden weet ik nog niet. Mijn doel is in ieder geval 6 maanden fulltime en dan zien we het wel. Ik heb me voorgenomen om niet zo lang als bij Jessa door te gaan, maargoed, ik heb mijn voornemens al eerder niet in acht genomen 🙂



Nieuwe producten

Gerelateerde blogs

Volg ons op:
FacebooktwitterpinterestinstagramFacebooktwitterpinterestinstagram
Deel dit op:
FacebooktwitterpinterestFacebooktwitterpinterest
Tagged , , , , , , , ,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *